Belemmert het lopen van een marathon de re-integratie? Dat oordeel is niet aan de werkgever.
U bevindt zich hier: home > privacyverklaring
mw. mr. M. Hille Ris Lambers (Margriet) | 22 april 2015
Belemmert het lopen van een marathon de re-integratie? Dat oordeel is niet aan de werkgever.
Het is aan het UWV of de bedrijfsarts om te beoordelen in welke mate een werknemer arbeidsongeschikt is en waartoe hij in staat is.
De feiten
Een werknemer van een installatiebedrijf in Uithuizen is sinds 8 maart 2012 arbeidsongeschikt. Op basis van een door de bedrijfsarts opgestelde Functionele Mogelijkhedenlijst adviseert de arbeidsdeskundige een re-integratie tweede spoor, met als doel passend werk vinden bij een andere werkgever: de werknemer is ongeschikt voor het uitoefenen van zijn eigen werk en er is onvoldoende tot weinig passend werk bij de eigen werkgever. Met die re-integratie wordt in oktober 2012 gestart.
Op 3 juli 2013 heeft de werknemer een gesprek met een van de directieleden van de werkgever. Daarna wordt hij uitgenodigd om op 4 juli nogmaals te verschijnen. Tijdens dit gesprek wordt de werknemer op staande voet ontslagen omdat hij niet aan zijn re-integratieverplichtingen zou voldoen. De toelichting volgt in een brief van dezelfde datum.
Aan de werknemer worden, kort samengevat, twee verwijten gemaakt. Het eerste verwijt is dat hij, ondanks pogingen om hem te re-integreren, heeft deelgenomen aan hardloopwedstrijden (waaronder een marathon) en aan zijn woning heeft gewerkt (waaronder het vervangen van dakgoten). Het tweede verwijt is dat hij zijn werkgever geen toestemming heeft gevraagd voor deelname aan hardloopwedstrijden en voor klusactiviteiten.
Nadat de werknemer schriftelijk protesteert en de nietigheid van het ontslag inroept deelt de werkgever mede dat het (reeds geplande) onderzoek door de bedrijfsarts op 8 juli 2013 geen doorgang zal vinden. De bedrijfsarts was overigens evenmin van de mate van sportbeoefening op de hoogte gesteld.
Oordeel Kantonrechter Groningen
De werknemer ziet zich genoodzaakt tweemaal tegen de werkgever te procederen.
In kort geding vordert hij, naast loondoorbetaling, tewerkstelling in een passende functie danwel voortzetting van het re-integratietraject. Het voorlopig oordeel van de kantonrechter in Groningen van 20 september 2013 luidt dat de werknemer zijn re-integratieproces heeft belemmerd, door zijn sport- en klusactiviteiten niet aan de bedrijfsarts en re-integratiecoach te melden. De vorderingen van de werknemer worden afgewezen. Het door de werkgever ingediende voorwaardelijke ontbindingsverzoek wordt daarentegen toegewezen en de arbeidsovereenkomst wordt voorwaardelijk ontbonden per 1 oktober 2013, zonder toekenning van enige vergoeding.
In een kort daarna gestarte bodemprocedure bij dezelfde rechtbank vordert de werknemer (kort gezegd) het onbetaalde loon en vakantiegeld plus vergoeding van niet-genoten vakantiedagen over de periode tot 1 oktober 2013, vermeerderd de wettelijke verhoging, rente en incasso- en proceskosten. De werkgever slaat terug met vorderingen van in totaal tienduizenden euro’s, onder meer betrekking hebbend op premieverhoging en gemaakte re-integratiekosten.
Terwijl in het kort geding nog voorlopig werd geoordeeld dat reeds het niet melden van de sport- en klusactiviteiten een belemmering van de re-integratie vormde, oordeelt zijn/haar collega op 18 december 2014 in de bodemprocedure geheel anders: deze stelt dat een medisch oordeel van een deskundige noodzakelijk is, om de vraag te kunnen beantwoorden of de werknemer met die activiteiten zijn re-integratie heeft belemmerd.
Zonder overleg met de bedrijfsarts heeft de werkgever geconcludeerd dat de genoemde activiteiten de re-integratie hebben belemmerd en ertoe hebben geleid dat de werknemer langer arbeidsongeschikt is gebleven. Het is aan het UWV of de bedrijfsarts om te beoordelen in welke mate een werknemer arbeidsongeschikt is en waartoe hij in staat is, zo oordeelt de kantonrechter. Pas na een beoordeling door de bedrijfsarts had een eventuele sanctie – en ontslag is uiteraard de meest ingrijpende sanctie – kunnen volgen.
De kantonrechter voegt er nog aan toe dat ook indien op de werknemer een plicht zou rusten om zijn activiteiten bij de bedrijfsarts te melden, een schending van die plicht zonder bijkomende omstandigheden nog niet een dringende reden voor opzegging van de arbeidsovereenkomst zou zijn. De wetgever heeft immers slechts de sanctie van opschorting van loon willen verbinden aan het niet verstrekken van inlichtingen door de werknemer.
Omdat zich dus geen dringende reden heeft voorgedaan die ontslag op staande voet rechtvaardigt, worden de vorderingen van de werknemer toegewezen en die van de werkgever afgewezen.
Conclusie
De conclusie luidt dat een werkgever die al dan niet op goede gronden meent dat een arbeidsongeschikte werknemer zijn re-integratie belemmert, dat steeds moet laten beoordelen door de bedrijfsarts of het UWV. Doet hij dat niet, dan kunnen de gevolgen groot zijn.
mw. mr. M. Hille Ris Lambers (margriet)
arbeidsrecht | overeenkomstenrecht
Margriet heeft gestudeerd aan de Rijksuniversiteit Utrecht, richting privaatrecht en is beëdigd als advocaat in 2003. Margriet kan u op heldere en deskundige wijze bijstaan bij alle geschillen en vraagstukken op het gebied van arbeidsrecht voor zowel ondernemers als particulieren.
CONTACTGEGEVENS
Ariëns Advocaten Amersfoort
E info@ariensadvocaten.nl
T (033) 463 77 27
F (033) 461 51 40
Adres
Stadsring 75
3811 HN Amersfoort
Meer over advocaten
Meer artikelenHoe kindgebonden is het kindgebonden budget?
Het kindgebonden budget houdt advocaten en rechters in alimentatieland al sinds 2015 behoorlijk bezig. Dit komt onder meer omdat er in de...