Stop met de ideeën: “Die Medezeggenschapsraad, daar hoef je niet naar te luisteren”
De Ondernemingskamer van het Gerechtshof te Amsterdam is helder (ECLI:NL:GHAMS:2025:1877): een MR-lid monddood maken past niet in een democratische schoolcultuur.
Voorzitter A van een school in de omgeving van Amsterdam adviseerde een MR-lid om af te treden. Niet toevallig gebeurde dat direct na kritiek op (het beleid van) de school. Het Gerechtshof sprak zich duidelijk uit: dit is verboden. De medezeggenschapsraad mag niet benadeeld worden vanwege zijn rol, ook niet indirect via druk vanuit het bestuur. Bijzonder aan deze uitspraak is dat de Ondernemingskamer van het Gerechtshof overweegt (en daarbij de Landelijke Commissie Geschillen WMS corrigeert) op het beroep dat Gijs van Poppel bij de Ondernemingskamer ingesteld had namens de MR, dat deze bescherming niet alleen geldt voor individuele leden, maar ook geldt voor de MR als geheel, omdat de MR een eigen belang heeft bij de bescherming van haar leden en de MR voor dergelijke gevallen dus een beroep kan doen op artikel 3 lid 12 Wms.
Hier leest u de hele uitspraak: ECLI:NL:GHAMS:2025:1877
Deze zaak betreft een geschil tussen de Medezeggenschapsraad (MR) van het Keizer Karel College en de Stichting Keizer Karel, het bevoegd gezag over de school. Centraal staat de vraag of het bevoegd gezag in strijd heeft gehandeld met artikel 3 lid 12 van de Wet medezeggenschap scholen (Wms) door een MR-lid individueel aan te spreken op zijn gedrag en hem te adviseren zijn taken als MR-lid neer te leggen. De MR stelt dat hierdoor de onafhankelijkheid en positie van het MR-lid is geschaad en dat dit ook het functioneren van de MR als geheel raakt.
Zaaksfeiten
De bestuurder van de Stichting Keizer Karel heeft op 27 juni 2024 een leraar, tevens voorzitter van de MR en lid van de GMR, aangesproken op zijn gedrag tijdens vergaderingen en hem geadviseerd zijn taken als MR-lid en voorzitter neer te leggen. Dit gebeurde naar aanleiding van klachten van andere GMR-leden over zijn gedrag. De MR heeft hierover geklaagd bij het bevoegd gezag en de Raad van Toezicht, en uiteindelijk een nalevingsgeschil ingediend bij de Landelijke Commissie voor Geschillen Wms. De commissie verklaarde de MR niet-ontvankelijk, omdat artikel 3 lid 12 Wms volgens haar alleen bescherming biedt aan individuele leden en niet aan de MR als orgaan. De MR raadpleegde Gijs van Poppel en stelde vervolgens beroep in bij de Ondernemingskamer.
Rechtsoverwegingen
- Artikel 3 lid 12 Wms verplicht het bevoegd gezag ervoor te zorgen dat leden van de MR niet worden benadeeld in hun positie vanwege hun lidmaatschap.
- De Ondernemingskamer overweegt dat deze bescherming niet alleen geldt voor individuele leden, maar ook voor de MR als geheel, omdat de MR een eigen belang heeft bij de bescherming van haar leden.
- De regeling is vergelijkbaar met artikel 21 van de Wet op de ondernemingsraden (WOR), waarop artikel 3 lid 12 Wms is geïnspireerd.
- Het aanspreken van een MR-lid op zijn gedrag is op zichzelf toegestaan, mits zorgvuldig en met respect voor de gezagsverhouding.
- Het geven van het advies aan het MR-lid om zijn taken neer te leggen, vormt echter een negatieve uitlating over zijn functioneren als MR-lid en tast de onafhankelijkheid van de MR aan.
- Het bevoegd gezag heeft hiermee onvoldoende zorg gedragen voor de bescherming van MR-leden zoals vereist door de Wms.
Beoordeling
De Ondernemingskamer verklaart het beroep van de MR gegrond voor zover het betreft de ontvankelijkheid van het verzoek over de naleving van artikel 3 lid 12 Wms. De uitspraak van de Landelijke Commissie voor Geschillen Wms wordt vernietigd. De Ondernemingskamer oordeelt dat het bevoegd gezag artikel 3 lid 12 Wms heeft geschonden door het MR-lid te adviseren zijn taken neer te leggen. Het verzoek van de MR wordt op dit punt toegewezen. Voor het overige blijven de verzoeken van de MR niet-ontvankelijk of worden zij afgewezen, onder meer omdat de kosten van rechtsbijstand inmiddels zijn voldaan.
Conclusie
Het Gerechtshof Amsterdam (Ondernemingskamer) oordeelt dat het bevoegd gezag de wettelijke bescherming van MR-leden heeft geschonden door een MR-lid te adviseren zijn taken neer te leggen. De MR is ontvankelijk in haar verzoek en het beroep is op dit punt gegrond. Het bevoegd gezag wordt opgedragen zijn bestuurspraktijken aan te passen en maatregelen te nemen ter bescherming van MR-leden tegen benadeling. De uitspraak van de Landelijke Commissie voor Geschillen Wms wordt vernietigd voor zover het de ontvankelijkheid van de MR betreft.
Waarom is dit zo belangrijk?
- Bescherming van MR-leden
Bij de MR zit je niet alleen voor jezelf, maar vertegenwoordig je collega’s, ouders of leerlingen. Als bestuurders MR-leden onder druk zetten of mond snoeren – bijvoorbeeld door te suggereren dat ze moeten opstappen – tast dat de onafhankelijkheid aan en is sprake van verboden benadeling. - MR heeft wettelijke bevoegdheden
De Wet Medezeggenschap op Scholen biedt de MR belangrijke rechten: advies, instemming en informatie. Die bevoegdheden zijn niet vrijblijvend. Bestuurders moeten MR tijdig betrekken bij besluiten, zodat hun input daadwerkelijk invloed kan hebben. - Een MR-lid is ook werknemer
De raad mag geen rol worden ontzegd zonder risico op benadeling. Sterker: wanneer MR-leden worden gepusht of uitgesloten, kunnen zij een geschil aanspannen bij de Landelijke Commissie Geschillen WMS, die zelfs uitvoering van beleid tijdelijk kan bevriezen.
Advies voor onderwijsorganisaties
- Onderken het belang van kritische medezeggenschap. Kritiek betekent niet ondermijning, maar kan juist waardevolle inzichten bieden.
- Vraag advies op het juiste moment. MR wordt serieus genomen als bestuurders advies vragen in een vroeg stadium van besluitvorming AOb.
- Respecteer rollen. Een MR-lid benaderen als werknemer én inspraakvertegenwoordiger vraagt zorgvuldigheid. Zorg voor gestructureerde overlegmomenten met goede documentatie.
Kortom: een MR-lid monddood maken past niet in een democratische schoolcultuur. Besturen doen er verstandig aan de raad als volwaardige gesprekspartner te zien — niet als obstakel.
Sta jij in jouw organisatie vóór sterke medezeggenschap? Deel jouw ervaringen, of neem contact op met onze collega Gijs van Poppel (advocaat) als je meer wilt weten over het versterken van de MR.